Eens in de zoveel tijd krijgen we een bijzondere vraag. Je komt klanten tegen die een arbeidsmarktcampagne willen die snel, goed én goedkoop is. We beginnen dan te fronsen. Potentiële klant: altijd fijn. Maar er is een wetmatigheid uit de reclame die altijd lijkt op te gaan. Namelijk dat je uit de drie variabelen snel, goed en goedkoop er altijd maar twee kunt kiezen. De derde heeft een tegenovergesteld effect. Een paar voorbeelden.

Wil een klant heel snel een goede arbeidsmarktcampagne? Kan wel, maar zoiets is niet goedkoop. Wij moeten in deze situatie immers onze beste mensen op de klus zetten. En ze soms zelfs van andere klussen afhalen. Alleen de béste mensen kunnen in een hele korte tijd een goed idee verzinnen. Die mannen en vrouwen kosten serieus geld.

Een andere variant is de klant die heel snel en goedkoop een idee wil. Prima, maar dan is de kwaliteit vaak laag.

Een andere variant is de klant die heel snel en goedkoop een idee wil. Prima, maar dan is de kwaliteit vaak laag. Een authentiek idee bedenken kost tijd en geld; heb je dat er niet voor over, dan krijg je een waardeloze oplossing.

De laatste variant: de klant die een goed idee wil dat goedkoop is. Dit komt het minste voor. Het betreft vaak ideeën voor een goed doel of een organisatie waar je sympathie voor hebt. Je wilt zo’n opdrachtgever helpen, maar er is weinig of geen budget. Is er ergens een gaatje, dan wordt eraan gewerkt. Soms levert dat hele mooie ideeën op. Je moet alleen geen haast hebben.